Winnaars Gelderse Ruimtelijke Kwaliteit bekend

Geplaatst Geplaatst in Ruimtelijke ordering

Deze 8e editie van de prijsvraag had als thema “Brede blik op ruimte”. De jury, traditiegetrouw onder voorzitterschap van Jan Terlouw, had een lastige taak om uit de 20 in aanmerking komende projecten één winnaar te kiezen. De winnaar is geworden: Herstructurering Tuinbouw Bommelerwaard. Dit project wordt beloond met een geldprijs van €10.000. Provincie Gelderland is de uitschrijver van de prijs en financiert de prijzen.

De winnaar

Uit het rapport van de jury: “Herstructurering Tuinbouw Bommelerwaard is een project met een enorme schaal in een gebied waar veel ruimteclaims en de wateropgave samenkomen. Hier is van onderop (telers, tuinbouwers, boeren, dorpsraden enzovoort) en bovenaf (gemeenten, waterschap, provincie) een enorme verandering in gang gezet. Alle betrokkenen werken samen om een toekomstbestendig en meer divers tuinbouwgebied te realiseren. In de uitvoering wordt op alle niveaus gezocht naar de meest adequate oplossing voor natuur, dier, mens en bedrijven. Er is nog veel te winnen – denk aan continuering in de toekomst en ruimtelijke kwaliteit, maar in deze grootse gebiedsopgave komen veel ambities concreet samen”.

Ruimte zo goed mogelijk benutten

Peter Kerris, gedeputeerde Ruimte: “De uitdagingen van deze tijd – stikstof, extreem weer en droogte, klimaatverandering en een volksgezondheidscrisis – kenden we niet eerder, laat staan in deze combinatie. De vragen die deze uitdagingen aan de samenleving stellen zijn ongekend. En we willen – nee, moeten! – de natuur versterken en de biodiversiteit herstellen. Hoe kun je aan al die uitdagingen tegemoet komen, de schoonheid van Gelderland bewaren, en tegelijkertijd ontwikkelen en bouwen aan de toekomst? Dat dat kan, laat Bommelerwaard hier zien”. Voor de jury is een belangrijke afweging geweest welke stimulans er uitgaat van het project: wat bereik je ermee en hoe draagt het bij aan de grote opgaven waar we voor staan.

Aanmoedigingsprijs

De jury heeft dit jaar ook een aanmoedigingsprijs voorgesteld van €5000,-. Die wordt gegeven aan een project dat een steuntje in de rug nodig heeft om het verder te helpen. Bijvoorbeeld om hulp in te schakelen bij het ontwerp of een publiekscampagne. Deze prijs gaat naar Bufferstroken 2.0. Dit project is laagdrempelig en perspectiefvol. Het project is heel laagdrempelig en heeft een grote toegevoegde waarde, zowel voor de biodiversiteit, uitspoeling naar grondwater en waterlopen, vastleggen CO2 en perspectief voor de boer. Daarbij levert het een bijdrage aan de eiwittransitie (minder dierlijke eiwitten, meer plantaardige door o.a. eten van noten). Daarmee biedt het veel kansen om de landbouwsector een boost te geven.

Publieksprijs

Kenniscentrum Sealing Valley in Aalten kreeg dit jaar de meerderheid van de in totaal 1457 stemmen van de 20 projecten op de lijst. De stemmers over dit project:

“Prachtige herinvulling van een oud industrieterrein met een toekomst gericht bedrijf dat niet alleen denkt aan economische voordelen, maar ook aan duurzaam bouwen, lokale werkgelegenheid, circulariteit, milieubewust reizen van medewerkers, innovatie en de maatschappelijke bijdrage. Niet alleen mooi voor Aalten, maar voor de hele Achterhoek (en omgeving!). Om trots op te zijn”.

Boek over de projecten

Ook van deze editie is een mooi boek gemaakt. Met mooie fotografie en beknopte omschrijvingen zijn 20 projecten geportretteerd. Alle deelnemers en de Gelderse gemeenten krijgen het boek met juryrapport toegestuurd.

Bron: Provincie Gelderland

Prijsuitreiking Gelderse prijs voor ruimtelijke kwaliteit 2020

Geplaatst Geplaatst in Ruimtelijke ordering

Op 18 december 2020 worden de jury- en publieksprijs van de Gelderse prijs voor ruimtelijke kwaliteit 2020 uitgereikt. Dit jaar een digitale ontmoeting, maar beslist niet minder spannend of verrassend. U kunt de prijsuitreiking volgen via de livestream.

Gelderse prijs voor ruimtelijke kwaliteit

20 projecten zijn genomineerd voor de Gelderse prijs voor ruimtelijke kwaliteit. Ze roepen allemaal een interessant beeld op dat in Gelderland onder ‘brede blik op ruimte’ kan worden verstaan. Dit is het thema van 2020. Ze vertellen hoe een project in Gelderland kan bijdragen aan meerdere ambities.

Livestream

Op vrijdag 18 december 2020 van 15.00 tot 16.00 uur maken Peter Kerris, gedeputeerde Ruimte, Jan Terlouw, voorzitter van de jury, en Marinke Steenhuis, cultuurhistoricus en jurylid, de winnaars bekend. De winnaar van de juryprijs en die van de publieksprijs winnen beiden € 10.000. Bent u nieuwsgierig? Kijk dan naar de livestream. Deze link opent een andere website.

Kijk voor meer informatie op de website. Deze link opent een andere website van de provincie Gelderland.

Bron: Provincie Gelderland

Gelderse prijs voor ruimtelijke kwaliteit 2020 staat open

Geplaatst Geplaatst in Ruimtelijke ordering

Provincie Gelderland heeft de tweejaarlijkse Gelderse prijs voor ruimtelijke kwaliteit (GPRK) uitgeschreven. Het thema van deze editie is ‘Brede blik op ruimte’. Mensen kunnen voorbeelden van afgeronde projecten in Gelderland aanmelden die al een bijdrage leverden aan de grote veranderingsopgaven van dit moment. Dat kan tot en met 27 mei 2020 via het digitale platform Sprekend Gelderland.

Trots

Gedeputeerde Peter Kerris hoopt op veel inzendingen: “Het thema verwijst naar de 7 ambities van de Omgevingsvisie. Die ambities zijn energietransitie, klimaatadaptatie, circulaire economie, biodiversiteit, bereikbaarheid, economisch vestigingsklimaat en een goed en gezond woon- en leefklimaat. Al deze ambities doen een groot beroep op de ruimte in Gelderland. Maar ook op onze creativiteit. De uitdaging is om meerdere doelen samen te laten komen in 1 project. Ik ben heel benieuwd naar projecten die daar al in geslaagd zijn.”

Breed spectrum

Bij de prijs gaat het om projecten die meerdere ambities bij de kop hebben gepakt. Waar in Gelderland zijn zichtbaar en voelbaar en met succes meerdere opgaven gelijktijdig aangepakt, in 1 of meerdere projecten, in 1 of meerdere gebieden? Projecten die ook op het vlak van landschap, cultuur, erfgoed, ecologie, milieukwaliteit, identiteit, ondernemerschap, leefbaarheid of welzijn van betekenis kunnen zijn en daarmee voorbeelden die de brede blik op de Gelderse ruimte laten zien?

Meedoen

Niet alleen gemeenten maar ook maatschappelijke organisaties, waterschappen, verenigingen, stichtingen, ontwerpbureaus en particulieren kunnen goede voorbeelden aandragen. Hierbij kunnen foto’s, filmpjes en documenten worden geüpload. Doordat inzending gaat via het digitale platform Sprekend Gelderland, www.gelderland.nl/gprk2020 is de lijst met voorstellen gelijk openbaar en kan iedereen de groei van de lijst volgen, commentaar leveren en steun betuigen.

Nominaties

Uit de ingediende voorbeelden selecteert een commissie de nominaties. Deze commissie bestaat uit interne en externe deskundigen. Gedeputeerde Staten stellen de nominaties vervolgens vast. Zodra deze bekend zijn gaat de jury aan de slag voor de juryprijs en kan het publiek stemmen voor de publieksprijs. De provincie stelt een juryprijs en een publieksprijs van elk €10.000 beschikbaar te besteden aan het project. Bijvoorbeeld om een kunstwerk te laten maken, te besteden aan promotie of voor onderhoud. Het prijstraject sluit in november of december af met een manifestatie waar winnaars bekend worden gemaakt en prijzen uitgereikt.

Bron: Provincie Gelderland

Bruggenbouwers moeten onze binnensteden door coronatijd loodsen: ‘Hij is onmisbaar’

Geplaatst Geplaatst in Ruimtelijke ordering, Wonen

De corona-crisis versterkt en versnelt trends die al langere tijd gaande zijn in stadscentra. Leegstand loopt op terwijl online shoppen aan populariteit wint. Centrummanagers, zoals Remco Feith uit Zutphen, moeten ervoor zorgen dat binnensteden gezond en vitaal blijven. Ze krijgen binnenkort steun van de provincie Gelderland, die een aanvullende opleiding voor centrummanagers op poten zet. Maar wat doen ze nou eigenlijk precies, die binnenstadsmanagers?

Als Remco Feith door Zutphen wandelt, is een gesprek met hem aanknopen een uitdaging. Steeds is er die groet, het praatje of een vriendelijke knik naar een ondernemer. Dat is geen overbodige luxe, want op de eerste dag van de gedeeltelijke lockdown heerst er een gelaten sfeer in het centrum. Horeca-ondernemers ruimen hun terras op. ,,Nu wij dicht moeten, halen ze de ziel uit de stad’’, moppert er één. Feith hoort het geduldig aan, leeft mee. ,,Het hoort bij mijn werk om veel buiten te zijn’’, zegt de centrummanager. ,,Je moet zichtbaar zijn.’’ 

Praktische vragen

Op centrummanagers van steden komt veel af, vooral in deze coronatijd. Ze worden overspoeld door praktische vragen van ondernemers over de 1,5 meter terwijl ze ook met de gemeente en pandeigenaren praten over leegstaande panden. Hoe vullen ze die op? Welke ondernemers passen bij de stad? Dat werk vereist een sterk analytisch vermogen, geestelijke lenigheid en buitengewoon ontwikkelde sociale vaardigheden. 

Voor Feith is dit business as usual. Hij doet dit al bijna zes jaar. Zutphen was één van de steden die buiten Brabant als eerste een binnenstadsmanager benoemde. Dit gebeurde in de nasleep van de financiële crisis, die een spoor van ellende had getrokken door veel Nederlandse binnensteden in de vorm van toenemende leegstand.

Niet alleen de leegstand zorgde voor hoofdbrekens. Ook toenemende populariteit van online shoppen en de vergrijzing vragen om bijsturing. Past het aanbod van een winkelcentrum straks nog wel bij de vraag van het publiek? ,,Het werd tijd voor een functionaris die problemen zou omzetten in kansen’’, legt Feith uit. ,,En het werd ook duidelijk dat zo iemand niet in dienst kan zijn van de gemeente.’’

Bruggenbouwer

Zo werd de binnenstadsmanager geboren uit een publiek-private samenwerking. Ondernemers, pandeigenaren en de gemeente financieren de functie. Niet allen in Zutphen, maar ook steden als Zwolle en Deventer werken op deze manier. Dit biedt Feith de mogelijkheid om een onafhankelijke rol te pakken. ,,Namens de ondernemers mag ik iets van het gemeentelijk beleid vinden. Omgekeerd kan ik ook de gemeente verdedigen tegenover ondernemers.’’

In het begin was dat voor alle partijen wennen, maar inmiddels weten ze niet beter. ,,Remco is een ideale bruggenbouwer’’, zegt Peter van Belzen, die een modewinkel in het centrum bestiert.  

Een voorbeeld? Toen de horeca in juni na de eerste lockdown weer open mocht, klonk er een luide roep om meer ruimte voor terrassen. Mede door bemiddeling van Feith op het stadhuis was dit snel gefikst. Zo kon Zutphen de afgelopen zomer toeristen ontvangen en draaiden winkeliers tegen de verwachting in een prima omzet. ,,Het is van belang dat je op die momenten als collectief optreedt’’, zegt hij. 

Onmisbaar

Wethouder Annelies de Jonge noemt Feith ‘onmisbaar’. ,,De binnenstadsmanager zorgt voor eenheid en verbinding. Toen in maart corona uitbrak moesten we snel schakelen met onze ondernemers om de anderhalve meter te waarborgen. Onze binnenstad heeft de eerste coronapariode mede daarom goed overleefd.’’

Nu staat Feith voor de taak om de stad vitaal te houden, ook na corona. Dat is vooral een kwestie van de balans bewaren, zeker nu de Randstad Zutphen heeft ontdekt als ideale woonplaats. ,,Randstedelingen kopen leegstaande binnenstadspanden, knappen die op en gaan er wonen. Dat is een mooie ontwikkeling, maar die vraagt ook om een nieuw evenwicht.’’ 

Hernieuwde sympathie

De corona-crisis heeft ook een andere kant, weet Feith. ,,Het is nu even doorbijten met de lockdown, maar we hebben gezien dat lokaal shoppen helemaal terug is nu we minder reizen. Er is een hernieuwde sympathie voor de binnenstad. Daar ligt een enorme kans.’’ 

Belang van centrummanagers ‘groeit’

In coronatijd groeit het belang van de binnenstadsmanager, vindt de provincie Gelderland. ‘De corona-crisis versterkt en versnelt trends die al langere tijd in de centra gaande zijn’, schrijft de provincie. Daarom komt er geld vrij om twaalf binnenstadsmanagers een extra opleiding te bieden, waarmee ze extra kennis en vaardigheden opdoen. 

,,Meer dan ooit is er urgentie om met andere ogen naar binnensteden te kijken’’, zegt gedeputeerde Peter Kerris hierover. Namens de provincie is John Bardoel (van bureau Seinpost) één van de docenten die met de managers aan de slag gaan. Hij zegt maatwerk te willen leveren. ,,We gaan ze in staat stellen om hun werk nóg beter te doen, vanuit hun eigen behoefte aan extra kennis.’’ 

Bardoel hoopt dat de centrummanagers daarnaast vooral van elkaar gaan leren. De opleiding gaat in november van start. Feith wacht overigens nog even met aanhaken. ,,Er ligt nu te veel op mijn bordje. Ik maak een pas op de plaats.’’

Bron: de Gelderlander

Voedselbos van Wouter van Eck genomineerd voor Gelderse prijs

Geplaatst Geplaatst in Ruimtelijke ordering

GROESBEEK – Voedselbos Ketelbroek bij Groesbeek is een van de twintig genomineerden voor de Gelderse Prijs voor Ruimtelijke Kwaliteit 2020.

Gedeputeerde Peter Kerris maakt de prijswinnaars van de vakjury en de publieksjury in december bekend tijdens een manifestatie Ruimtelijke Kwaliteit. De achtste editie van de Gelderse Prijs Ruimtelijke Kwaliteit heeft als thema ‘Brede blik op ruimte’. De provincie schenkt daarmee aandacht aan de uiteenlopende manieren waarop ruimte gebruikt kan worden.

Oogsten

Een van die manieren is dus het voedselbos van oud-politicus Wouter van Eck. Van Eck begon in 2009 met wat hij als naam Het Ketelbos meegaf. Dicht bij het Groesbeekse kerkdorp De Horst. Hij veranderde een kale maisakker in een zogenoemd ‘natuurvolgend landbouwsysteem’ van 2,42 hectare. Een systeem voor ‘luie boeren’, zoals Van Eck het graag zelf omschrijft. Want, in het voedselbos van Van Eck wordt niet geploegd, niet gezaaid, niet gewied, niet gemest en al helemaal niet gespoten. Hier wordt geplant en daarna is het oogsten wat de natuur aanbiedt: zaden, bloemen, scheuten, knoppen, knollen, noten, appels, peren en pruimen. Onder zijn afnemers telt Van Eck onder meer het Nijmeegse restaurant De Nieuwe Winkel.

Jan Terlouw

 Een onafhankelijke jury onder leiding van Jan Terlouw – voormalig commissaris van de Koningin in Gelderland en voorzitter van de eerdere zeven edities van de Gelderse prijs voor Ruimtelijke Kwaliteit – bepaalt uiteindelijk wie de prijs dit jaar wint. Er werden veertig inzendingen voor de prijs ingediend. 

Bron: de Gelderlander

Woonbuurt De Getijden in Nijmegen

Geplaatst Geplaatst in Klimaatadaptatie, Ruimtelijke ordering, Wonen

De Getijden heeft 17 duurzame en levensloopbestendige woningen gerealiseerd in en om de Lourdesschool (1927) in Nijmegen. In de vorm van Collectief Particulier Opdrachtgeverschap hebben de bewoners het initiatief genomen zelf vorm te geven aan hun eigen woonwensen.

Keuzemenu ambities

Energietransitie
Klimaatadaptie
Circulaire economie
Biodiverstiteit
Bereikbaarheid
Woon- en leefomgeving

In de gemeente(n)

Nijmegen

Omschrijving van de ligging van het project

Adres project De Getijden: Veldstraat 2-4, 6533 CC Nijmegen. Het project ligt aan de rand van Nijmegen, nabij winkels, het Radboudziekenhuis en omvangrijke natuurgebieden zoals Heumensoord en Heilig Landstichting.

Periode van realisatie van het project

2012-2019

De belangrijkste actoren in en rond het project

Dit project is tot stand gekomen door bouwstichting De Getijden – een collectief van toekomstige bewoners – in samenwerking met architectenbureau Nexit uit Arnhem, aannemersbedrijf Gebroeders van Herpen uit Heesch, tuinontwerpbureau INVO uit Nijmegen en Bouwen in Eigen Beheer (BIEB) uit Eindhoven. Daarbij werden we ondersteund door provincie Gelderland met een projectsubsidie en door de gemeente Nijmegen (bestemmingsplanwijzing en coördinatie van gemeentelijke besluitvorming)

Beknopte beschrijving van het gerealiseerde project

De Getijden heeft 17 levensloopbestendige woningen gerealiseerd in en om de Lourdesschool (1927) in Nijmegen. Dit pand, op de lijst van cultureel erfgoed, is van de sloophamer gered door Collectief Particulier Ondernemerschap. Met dit opdrachtgeverschap hebben de bewoners het initiatief genomen zelf vorm te geven aan hun eigen woonwensen gericht op de toekomst. CPO “De Getijden” heeft met provinciale subsidie 80% woningen beneden de NHG-grens opgeleverd. Volgens Mieke Verstappen, projectontwikkelaar Gemeente Nijmegen waren de doelen van het project zo divers en complex in hun samenhang dat menig projectontwikkelaar er niet aan had willen beginnen. Zes van de zeven ambities die de provincie zich stelt krijgen nadrukkelijk aandacht in dit project. De invulling van het motto “Wat goede buren voor elkaar doen” levert een verrassende kijk op bij de kwaliteit “leefbaarheid en welzijn”. De woningen zijn gasloos en gebruiken luchtwarmtepompen en voor energieopwekking zorgen o.a. 240 zonnepanelen via een zogenaamd postcoderoosproject voor VvE’s (1). Hemelwater op het terrein wordt via een afwateringssysteem gezuiverd en in de bodem geïnfiltreerd, 24.500 stoeptegels zijn verwijderd, de parkeerplaatsen zijn waterdoorlatend en de nieuwbouwwoningen hebben groendaken (2). De tuin is bio-divers aangeplant met fruitbomen, klein fruit, heesters en planten die veel insecten en vlinders aan trekken (3). In het kasje, gemaakt van de gesloopte kas, worden plantjes gekiemd voor de biologische groentetuin (4). Veel aandacht is besteed aan de bereikbaarheid o.a. via een rolstoeltoegankelijke omgeving. Helaas moest geïnvesteerd worden in een Raad van State procedure voor een belangrijk voetpad naar een winkelcentrum (5). Tijdens de bouw is de omliggende buurt steeds betrokken en nu zijn er met regelmaat (feestelijke-) bijeenkomsten en activiteiten. Door werkgroepen van bewoners van de VvE wordt de tuin onderhouden en worden activiteiten georganiseerd voor de bewoners onderling maar ook door voor diverse doelgroepen (7). Volgens gedeputeerde Peter Kerris is het project een antwoord op “Het groeiend tekort aan betaalbare woningen in Gelderland. Een prachtig voorbeeld van het wonen van de toekomst in Gelderland”.

Opmerkelijke ruimtelijke kwaliteiten uitgelicht

Een historisch pand in stijl van de Amsterdamse School uit 1927 werd behouden. Het is een CPO-bouwproject geworden met het motto: “Wat goede buren voor elkaar doen”. Een buurt waarin je elkaar kent en waar je samen dingen organiseert zonder elkaar op de huid te zitten. De nieuwbouwwoningen aan de Veldstraat vormen gezamenlijk een visuele poort op het cultureel erfgoed en de monumentale boom. In het ontwerp van de nieuwbouw komen diverse elementen uit “de Amsterdamse school stijl” terug. De woningen zijn levensloopbestendig gebouwd in een rolstoelvriendelijke omgeving. Het terrein is, met behoud van de 7 monumentale bomen, klimaat adaptief aangelegd met voorzieningen zoals infiltratie van hemelwater, gebruik van waterdoorlatende materialen. De inrichting van de tuin is bio-divers met moes-, kruiden- en siertuin met fruitbomen en besdragende heesters. Samen met de groendaken op de nieuwbouw is het project een binnenstedelijke groene aanwinst. Wethouder Tiemens van de gemeente Nijmegen complimenteerde ons als volgt: “De Getijden bewijst dat Collectief Particulier Opdrachtgeversschap (CPO) resulteert in woningen die optimaal zijn afgestemd op de wensen van bewoners. Dit schitterende nieuwe wijkje sluit naadloos aan bij waar Nijmegen graag voor staat: groen, duurzaam en sociaal.

Plan- en ontwerpproces

De initiatiefgroep startte in 2012 met het idee om zelf woningen te gaan bouwen. Levensloopbestendig, betaalbaar, met enkele gemeenschappelijke ruimten was het idee. Het motto werd al snel: ‘Wat goede buren voor elkaar doen’. Met de toekomstige bewoners, de architect, de tuinarchitect en CPO-begeleiding kreeg het planproces verder vorm met meer ambities op het gebied van duurzaamheid, klimaat adaptatie en biodiversiteit. Er is daarbij samengewerkt met de Provincie Gelderland (CPO-subsidie), de gemeente Nijmegen (ambtelijke coördinatie gemeentelijke afdelingen en bestemmingsplan wijziging) en Waterschap Rivierenland (subsidie klimaatactief) en vele anderen. In het begin is er veel gewerkt met workshops de laatste jaren met een transparant overlegproces, maandelijks eindigend in besluitvormende CPO-overleggen. Het CPO-bouwproces is met de oplevering van de woningen en de gemeenschappelijke ruimten afgerond. De stichting heft zichzelf, na de garantieperiode, op. Het motto: “Wat goede buren voor elkaar doen” wordt in V.v.E. met haar werkgroepen verder inhoud gegeven.

Ambities en opgaven voor de toekomst

Nu er naar aller tevredenheid gewoond wordt heeft V.v.E. De Getijden nog de nodige ambities. In de jaarplanning zijn diverse opgaven voor de toekomst opgenomen. Naast het onderhoud van gebouwen, terrein en wordt de tuin verder ontwikkeld. Er worden activiteiten voor en met de bewoners onderling en in de buurt georganiseerd. De V.v.E. wil haar ervaring, kennis en idealen uitdragen en delen met anderen. Er worden op locatie excursies georganiseerd maar zijn ook bereid om onze ervaringen te komen toelichten. Zowel gemeentelijk als provinciaal hebben we hierin ervaring. Het gaat dan om ervaringen zoals met de ambities in de beknopte beschrijving genoemd. Er is ook gespecialiseerde kennis zoals op het gebied van het opzetten van een zgn. ‘Postcoderoosproject” (zonnepanelen) voor VvE’s.

Wat is jouw betrokkenheid bij het project?

De deelnemers aan dit CPO-proces zijn allemaal eigenaar van hun woning in dit project en lid van V.v.E De Getijden. Dit CPO (Collectief Particulier Opdrachtgeverschap)-project betekent dat we als bewonersgroep het bouwen en ontwikkelen in eigen beheer hebben gedaan. Als niet-professionele ontwikkelaars maar als betrokken ‘bewoners’. Intensief overleg tussen de bewoners en het samenwerken in diverse werkgroepen (zoals Energie, Terrein, Gemeenschappelijke Ruimten, Communicatie) maken dat de betrokkenheid van alle bewoners groot is bij hetgeen gerealiseerd is én de ambities en opgaven van de toekomst.

Bijzonderheden

De Getijden is winnaar geworden van de duurzaamheidsprijs 2019 architectuurprijs/Nijmegen. Uit het juryrapport: “De veelzijdigheid waarin het begrip duurzaamheid in het project verwerkt is, van concept tot detail, verdient alle lof. Het is een voorbeeld voor het denken over de duurzame, sociale en ecologische stad.” Meer informatie is te vinden op onze website en in een filmpje over de ontwikkeling en totstandkoming van ons project. Aan de hand van bijgevoegde foto’s krijgt u een indruk van ons project, maar wij nodigen de jury en andere geïnteresseerden graag uit om bij ons een kijkje te komen nemen op de Veldstraat 2-4 in Nijmegen.

Bron: Provincie Gelderland

Smeekbede van Azewijn zonder succes: Provincie gooit deur voor uitbreiding DocksNLD niet dicht

Geplaatst Geplaatst in Bedrijventerreinen, Ruimtelijke ordering

AZEWIJN/ARNHEM – De smeekbede van het dorp Azewijn aan de Statenleden van Gelderland om dwars voor de uitbreiding van het logistieke bedrijventerrein DocksNLD te gaan liggen, heeft vooralsnog geen direct resultaat gehad.

Gedeputeerde Staten wil op twee plekken in Gelderland de vestiging van supergrote (XXL) transportbedrijven toestaan: de hotspot  Emmerik-Montferland-Zevenaar (EMZ) is er daar één van, naast Nijmegen/Tiel.

Kritisch

Diverse leden van Provinciale Staten zijn kritisch op de plannen. Maar ze lijken de beperking tot twee plekken om XXL-bedrijven toe te staan, te steunen. Het definitieve besluit over DocksNLD2 volgt later dit jaar als het regionaal programma werklocaties wordt vastgesteld . 

De dorpsraad van Azewijn heeft Provinciale Staten woensdag opgeroepen de dreiging voor de leefbaarheid van het dorp af te wenden. Woordvoerder Sandra Braam heeft in het overleg van de Staten over de behoefte aan bedrijventerreinen en locaties voor XXL-logistieke bedrijven in Gelderland een lijst met argumenten tegen de uitbreiding van het bedrijventerrein met een kleine 60 hectare aangereikt. 

Blokkendozen

,,In het Azewijnse landschap geen torenhoge blokkendozen, geen verdozing van het landschap, geen lintbebouwing en geen werkgelegenheid die vooral gericht is op arbeidsmigranten. Help ons de gemeente Montferland te stoppen, het prachtige landschap in stand te houden en het welzijn van de inwoners te waarborgen. Alstublieft,” zei Braam. 

Op vragen van enkele Statenleden of er genoeg aandacht is voor de  leefbaarheid in het gebied zei Braam: ,,Azewijn en Netterden maken zich ontzettend veel zorgen. We vrezen toename van criminaliteit. De horizon-, lucht- en lichtvervuiling. Het argument dat het goed is voor de plaatselijke en regionale werkgelegenheid is domweg flauwekul.” 

,,Banen in logistieke sector zijn onzeker. Daar komen vooral mensen uit het buitenland op af. Hoeveel mensen uit Azewijn er nu bij de bedrijven op DocksNLD werken? Het is een aanname, maar het zijn er verdomd weinig.”

Zuinig omgaan

Volgens gedeputeerde Peter Kerris wil de provincie zuinig omgaan met de ruimte en XXL bedrijven niet meer overal toestaan. ,,Daarom kiezen we voor clustering langs de corridors A15/A12 en de A1 waar sprake is van logistieke trimodale hotspots. Transport via weg, water en spoor. Bij Tiel/Nijmegen en Emmerich-Montferland-Zevenaar, dat we als één cluster zien, is dat het geval.”  

Onlangs heeft de gemeenteraad van Montferland groen licht gegeven door te gaan met de voorbereidingen voor de ontwikkeling van het bedrijventerrein. De eerste aankoop van gronden heeft inmiddels plaatsgehad.  

Bron: de Gelderlander

Provincie Gelderland: ‘We moeten onze welvaart laten passen bij de draagkracht van de natuur’

Geplaatst Geplaatst in Klimaatadaptatie, Ruimtelijke ordering, Wonen

De discussie over stikstof drukt ons weer eens met de neus op een feit dat we niet altijd willen erkennen: we leven in een klein land. Een klein land met veel welvaart en dus ook veel wensen. Daar is op zich niks mis mee, maar veel van die wensen vragen letterlijk ruimte. En juist daar hebben we niet veel van. Tijd om er eens anders naar te kijken. Of juist zoals we het altijd deden.

Bijna elke week staan er op onze agenda onderwerpen die hoe dan ook ruimte vragen. Of het nu gaat om zonnevelden, wegen, fietspaden, landbouw, natuurontwikkeling, woningbouw of bedrijventerreinen. Ze leggen allemaal beslag op ruimte. Heel lang hebben we kunnen werken met het koppelen van verschillende doelen. Het gevaar van hoog water in de rivieren bestrijden we door de rivier meer ruimte te geven aan het water, maar ook aan de natuur en recreatie, zoals in Lent en bij Veessen-Wapenveld.

Onze voedselproductie is zo efficiënt geworden dat alleen de Verenigde Staten meer voedsel exporteren dan ons kleine landje.

Niet alles kan

Al met al heeft ons dat geen windeieren gelegd: we zijn één van de welvarendste landen in Europa.

Maar zo langzamerhand lijken we echt tegen grenzen aan te lopen. Grenzen die de natuur stelt en grenzen die we zelf stellen. Haalden we de energie decennialang uit de grond, nu moeten we bovengronds nieuwe energiebronnen aanleggen, in de vorm van windmolens en zonnevelden. De klimaatverandering dwingt ons om ruimte te bieden aan de opvang van extreme hitte, extreme regen én droogte. Bijvoorbeeld met meer groen in de steden en meer wateropvang.

De stijgende zeespiegel zal er ook voor zorgen dat de rivieren minder gemakkelijk het water kunnen afvoeren. En om de kwetsbare natuur te beschermen, ontkomen we niet aan ingrepen in de bronnen van de stikstofuitstoot. Combineer dat met het gegeven dat we in Nederland pakweg 700.000 woningen moeten bouwen tot 2030, dan dringt zich het besef op: we zullen op een andere manier naar onze ruimte moeten kijken. De titel van het rapport Remkes, Niet alles kan, lijkt ons al te willen sturen in een richting van drastische keuzes.

Voorbeeld in de hele wereld

Maar is het ooit anders geweest? Al in de 17e eeuw was soms de klacht te horen dat ons land te vol was; een opmerking die in alle daaropvolgende eeuwen terugkwam. In de jaren ’50 stimuleerde de regering actief emigratie, om te voorkomen dat ons land te vol zou worden. Het is niet minder vol geworden.

We hebben dat aangepakt door op een creatieve en innovatieve manier naar onze ruimte te kijken: onze manier van omgaan met water en grond is nog altijd een voorbeeld in de hele wereld. Of het nu gaat over nevengeulen, inpolderen of andere manieren om met hoog water om te gaan. En we kunnen vinden wat we willen van onze agrarische sector, maar dat we er in geslaagd zijn om op de postzegel die Nederland is op de wereldkaart één van de belangrijkste voedselproducenten van de wereld te worden, hebben we aan diezelfde manier van innoveren te danken.

Tegelijkertijd zijn we er in geslaagd om een welvaartsstaat in stand te houden die, mondiaal beschouwd, gezien mag worden.

We krijgen er nu een uitdaging bij. Namelijk onze denkkracht en organisatietalenten in te zetten om dit allemaal veel natuurvriendelijker te maken. Want doorgaan op de manier waarop we de afgelopen decennia hebben gewerkt, is geen optie. De grote opgaven voor de komende jaren is hoe we onze welvaart kunnen laten passen bij de draagkracht van de natuur. Dat vraagt veel van ons. Het vraagt wel van ons dat we beseffen een gemeenschappelijk probleem te hebben dat we alleen samen op kunnen lossen: we hebben maar één samenleving én maar één aarde. Beide koesteren we.

Bij deze aanpak werkt het niet als iedereen vanuit de eigen loopgraaf de ander blijft bestoken: een loopgraaf brengt niks in beweging en leidt alleen tot stilstand. Het kabinet heeft al laten zien dat er duidelijke keuzes gemaakt moeten worden die de één met gejuich en de ander met weerzin zal begroeten.

Open discussie

Ook in Gelderland hebben we veel te doen om de natuur te versterken. We pleiten daarbij voor een open discussie, waarbij we over de eigen overtuigingen heen willen kijken. Daar horen geen verboden onderwerpen, geen taboes bij. En ook geen angst voor ingrijpende en soms pijnlijke besluiten.

Net zoals in de samenleving lopen ook in ons college de opvattingen uiteen. Het zou niet goed zijn als dat niet zo was. Maar we zijn er tegelijkertijd van overtuigd dat we er samen uit moeten en gaan komen.

De provincie is de bestuurslaag die zich al decennia vooral met de inrichting van de ruimte bezighoudt.

Wat ons betreft nemen we het voortouw in deze discussie.

Gedeputeerde Staten van de provincie Gelderland: John Berends, Peter Drenth, Peter van ’t Hoog, Peter Kerris, Jan Markink, Jan van der Meer, Christianne van der Wal

Bron: de Gelderlander

Montferland schuift bezwaren tegen uitbreiding van bedrijventerrein DocksNLD terzijde

Geplaatst Geplaatst in Bedrijventerreinen, Ruimtelijke ordering

DIDAM – De dorpen Azewijn en Netterden en de boeren in de buurt van het geplande 60 hectare metende nieuwe bedrijventerrein DocksNLD2 kunnen hoog of laag springen: Montferland zet er vol op in. Alle bezwaren tegen het plan om er zogeheten XXL-logistieke bedrijven te vestigen, worden afgewezen.

Azewijn, Netterden en de boeren vrezen voor aantasting van het leef- en werkklimaat door de grote blokkendozen die volgens de plannen voor hun neus aan de Meilandsedijk en Netterdenseweg/Papenkampseweg gaan verschijnen. 

Gemeente wijkt niet

Ze hebben hun bezwaren ingediend om ook de visie die de gemeente op het gebied heeft van tafel te krijgen. Burgemeester en wethouders houden rekening met een deel van de bezwaren maar wijken geen duimbreed om het bedrijventerrein fors uit te breiden. Montferland heeft de visie nodig om het eerste recht op aankoop van de gronden te houden. 

Geen overaanbod

De provincie Gelderland heeft tot nog toe geweigerd medewerking te verlenen omdat er nog te veel industriegrond (met name in Zevenaar en Doetinchem) in de aanbieding zou zijn. Maar volgens het nieuwe regionale programma werklocaties van de regio Arnhem-Nijmegen is er met name voor de logistiek geen sprake van overaanbod. Gedeputeerde Peter Kerris (met onder andere de arbeidsmarkt en ruimtelijke ontwikkeling in zijn portefeuille) heeft aangegeven dat de provincie meer ruimte wil bieden aan nieuwe ontwikkelingen waarbij behalve naar economische groei gekeken wordt naar werkgelegenheid en duurzaamheid. Naar verwachting neemt de provincie in januari een besluit.

Verkeer om Netterden heen

Reacties van bewoners van Azewijn, de plattelandsraden van Montferland en Oude IJsselstreek, de dorpsraad Azewijn, stichting ’t Gemeynt Netterden en de vereniging Leefbaar Netterden zijn in de structuurvisie van Montferland mondjesmaat overgenomen. De vrees voor de verkeersafwikkeling van het  toenemende vrachtverkeer door Netterden via de nieuwe op- en afrit aan A3 wordt onderkend. Montferland werk samen met Oude IJsselstreek en Emmerik aan een nieuwe weg om Netterden heen die het industrieterrein vrijwel direct verbindt met de haven en het spoor van Emmerik. Montferland heeft toegezegd het nieuwe terrein landschappelijk zoveel mogelijk in te passen door het zicht van buitenaf op het terrein te voorkomen met een zogeheten groen/blauwe zone rondom het terrein.

Volgende week donderdag buigt de gemeenteraad zich over de plannen.

Bron: de Gelderlander

Gelderland wil verdozing landschap door megadistributiecentra aan banden leggen

Geplaatst Geplaatst in Ruimtelijke ordering

Provincie Gelderland wil paal en perk stellen aan de verdozing van het landschap door megadistributiecentra te clusteren. ‘We vragen logistieke bedrijven zuinig te zijn met de ruimte,’ aldus gedeputeerde Peter Kerris.

De provincie Gelderland wil de impact van XXL-distributiecentra op het landschap tegengaan door ze beter te groeperen. Gelderland wil dat de megadistributiecentra zich voortaan vestigen rond de zogenaamde logistieke hotspots Tiel, Nijmegen en van Zevenaar richting de Duitse grens. Wanneer bedrijven daar de ruimte krijgen, wordt de impact op het landschap elders verkleind, is het idee.

Wees zuinig met de ruimte

‘Gelderland is de poort naar Europa. Logistiek is belangrijk voor de Gelderse economie’, aldus gedeputeerde Peter Kerris van de provincie Gelderland. ‘Maar we vragen logistieke bedrijven zuinig te zijn met de ruimte’.

‘We sturen hierop bij nieuwe bestemmingsplannen, maar we gaan niet actief bedrijven verplaatsen,’ laat een woordvoerder in een schriftelijke reactie weten.

Ook wil Kerris dat bedrijven ‘duurzame locaties ontwikkelen en echt bijdragen aan werkgelegenheid’. Zo kunnen bedrijven zonnepanelen plaatsen op de daken en dienen ze aan te tonen hoeveel nieuwe banen de distributiehallen opleveren voor de regio.

Nederland telt in totaal zo’n dertig logistieke hotspots waar vaak grote distributiehallen staan. Een XXL-distributiecentrum is minstens 50.000 m2 groot, oftewel 10 voetbalvelden bij elkaar. De afgelopen tien jaar groeide het logistieke vastgoed in ons land uit met maar liefst 10 miljoen m2.  Zowel het Planbureau voor de Leefomgeving als het College van Rijksadviseurs maken zich zorgen om deze ‘verdozing’ van het Nederlandse landschap.

Enthousiast

Gemeenten zijn vaak enthousiast over de komst van logistieke bedrijvigheid, meldt het College van Rijksadviseurs. Het zorgt voor werkgelegenheid en economische activiteiten binnen de gemeente.

Alleen is er minder oog voor het verlies van biodiversiteit, recreatiegebieden, landbouwgrond of weidse uitzichten, concludeert het College. De adviseurs pleiten dan ook voor het voeren van een sterkere regie door de landelijke of provinciale overheid, om ‘een wildgroei aan XXL-locaties in het landschap te voorkomen.’ Ook ziet het clustering, het groeperen van grote distributiecentra, als een van de kansrijke oplossingen.

Overigens smeedt niet alleen de provincie Gelderland plannen om verdere verdozing tegen te gaan, ook Limburg en Noord-Brabant buigen zich over de kwestie. 

Bron: De Monitor